Belangrijk!

 

'Ik voelde de snijdende stilte, hoorde de donderende bliksem, werd meegenomen in de vragen, de woede, de kracht, de ontreddering…'


De afgelopen maanden heb ik, na een half jaar studie, me geworpen op een eigen en eigenzinnige versie van het oudtestamentische boek JOB. Hij is de man die - zittend op de mestvaalt - niet veel meer heeft dan een potscherf om te krabben aan zijn zweren, builen en schurftige huid. Hij werd de inzet van een weddenschap tussen God en de satan, een speelbal tussen hogere machten. Alles werd hem afgenomen om te zien of hij dan nog steeds God lof zou blijven toezingen. 




Voor mij is JOB geen wijsheidsverhaal (in elk geval voorlopig niet), maar veeleer een klaaglied, of wellicht zelfs een 'verslag van rouw'!
Niet alleen Job zelf komt aan het woord, ook zijn grootmoeder, zijn vrouw en vier vrienden hebben het nodige te vertellen...

De monoloog JOB is dus af, maar het blijft voorlopig nog even de vraag of ik die ook op mijn repertoire ga nemen. Niet omdat ik er niet tevreden over ben, want dat ben ik wel, maar een geschreven tekst is nog niet meteen een speelbare tekst.
Hoe ga je zo'n monoloog presenteren?
Gewoon voorlezend vertellen, zoals ik ook doe met eerder geschreven bewerkingen van 'grote' verhalen?

Heeft het verhaal wellicht een 'andere muze' nodig? Moet ik bijvoorbeeld gaan samenwerken met een musicus of een 'elektronische klankenmaker'? Wil ik de tekst combineren met een theatrale ruimte inclusief licht en geluid, of is film een geëigend medium?

Voorlopig zijn het allemaal nog vragen... Daarom voor nu: een grauwe foto met as - as die JOB op zijn kaalgeschoren hoofd smeert, als teken van rouw.

 

'De woorden die je hebt gekozen om de grootsheid en onbegrijpelijkheid van de schepping te schilderen, zijn van een grote zeggingskracht.' 

Stoel