Dwaas - over Francesco di Assisi

 


Als vroom katholiek jongetje was ik gefascineerd door een boek dat in mijn herinnering UIT HET LEVEN DER HEILIGEN heet. Stapelgek was ik op die heiligen. En op martelaren. Later wilde ik minstens een martelaar worden. Gelukkig is het er niet van gekomen!
Ik zegde al jong de kerk vaarwel, en liet de heiligen en martelaren voor wat ze waren. Met name de zoetsappige, marsepeinkleurige verhalen die ik als kind zo prachtig vond, ergerden me steeds meer.

Nadat ik in de zomer van 2017 'JOB - een aanklacht' had geschreven (première oktober 2018) schoot me mijn fascinatie voor Franciscus van Assisi te binnen, en dan met name het jeugdboek dat Jean Dulieu over diens leven had geschreven.

Neuzend in mijn enorme bibliotheek vond ik bijna 10 boeken over deze heilige - deels nog steeds ongelezen...


Ik begon te studeren, kocht en leende nog veel meer boeken over deze fascinerende man, over diens tijd en tijdgenoten, over de boeiende geschiedenis van zijn geboortestad, over de opkomende macht van de burgerij, over kruistochten en ketters, over de machtige roomse kerk...

Maar de hagiografieën over Francesco (zo noem ik hem liever, daar kleeft minder kinderromantiek aan) stonden me vanaf het begin tegen. Wel werd ik gegrepen door een fragment uit een boek uit 1932 waarin de schrijver vertelde over een vadsige, jonge en kleine fransoos (dat is de betekenis van zijn naam), gekleed in verwijfde kledij, met kanten en strikken en pluimen, en met scheuren in die dure kleding - een typisch geval van decadentie.

Toen ik ook nog las dat God hem opdracht had gegeven om als een nieuw soort dwaas in deze wereld te leven was ik verkocht. Met het oog van een nar keek ik naar de bestudeerde materie: ik moest het verhaal vertellen vanuit het standpunt van de komedie. En welke komedievorm is dan aantrekkelijker dan de van Italiaanse oorsprong Commedia dell' Arte?

Ik kon beginnen met schrijven!

Stoel